Van de hedendaagse geloofscrisis naar de wetenschappelijke coherentie van de Heilige Schrift
Gebaseerd op de lezing van dr. F.S. Martelli, gehouden op 2 oktober 2012 te Farra d’Alpago ter gelegenheid van de twintigste gedenkdag van het overlijden van don Guido Bortoluzzi.
Over dit DEEL: Een diepgaande belichting van de relatie tussen de Erfzonde en de Verlossing door Christus. Het biedt een kritische beschouwing over de reductieve wijze waarop geloofskwesties in de moderne tijd vaak worden benaderd, en onderbouwt de innerlijke en wetenschappelijke coherentie van de Heilige Schrift — in het bijzonder van het boek Genesis en de Evangeliën.
INHOUD
- De historiciteit en waarheid van de Openbaring
- Reductieve benaderingen van geloofskwesties
- De hedendaagse geloofscrisis
- Een historisch keerpunt: don Guido als ijkpunt
- Jodendom en christendom
- De genetische overdracht van de Zondeval
- De diaspora van het geloof
- Een agnost op zoek naar de waarheid
- Het geloof als instrument tot redding
- Adoptiekinderen versus de Kinderen van God
- Paulus en het boek Genesis
- De ‘verrijzenis van het vlees’ als genezing in de Evangeliën van Matteüs en Lucas
- “De waarheid zal u vrijmaken”
- Genesis en de geschriften van Maria Valtorta
- Waarom Jezus de volledige dynamiek van de Zondeval niet aan Valtorta openbaarde
- Conclusie
Presentatie
Dit werk (Deel 1, 2 en 3) is gebaseerd op de lezing van dr. F.S. Martelli, gehouden op 2 oktober 2012 te Farra d’Alpago ter gelegenheid van de twintigste gedenkdag van het overlijden van don Guido Bortoluzzi.
Over dit DEEL: Een belichting van de relatie tussen Erfzonde en Verlossing, een kritische beschouwing over de reductieve wijze waarop het geloof vaak wordt benaderd, en een bekrachtiging van de wetenschappelijke coherentie van de Heilige Schrift — in het bijzonder van de Evangeliën.
De historiciteit en de waarheid van de Openbaring
Het boek Genesis maakt deel uit van een veel breder themaveld en is de laatste jaren een brisant onderwerp geworden. Het is gebruikt als een knuppel tegen de Katholieke Kerk en betreft specifiek het thema van de relatie tussen Geloof en Rede, en tussen Geloof en Wetenschap.
Het contrast tussen deze twee werelden, dat altijd al in de mens heeft bestaan, doormaakte in de 17e eeuw een wending die, beginnend bij Galilei en de andere vaders van de moderne wetenschap, leidde tot een schijnbaar onomkeerbare breuk. Dit sloeg een kloof van onbegrip tussen Geloof en Wetenschap, en vooral tussen het christendom en katholicisme aan de ene kant, en het rationalisme en positivisme aan de andere kant.
Vanaf Galilei hebben de Kerk en vooraanstaande vertegenwoordigers van de Kerk — die de fundamenten van onze religie zouden moeten verdedigen — geleden aan een soort minderwaardigheidscomplex ten opzichte van wetenschappers. De grote meerderheid van de theologen heeft zich, in plaats van een open dialoog op gelijke voet aan te gaan met wetenschappers, verscholen in een defensieve houding. Zij hebben nagelaten die onderdelen te ontwikkelen die de bouwstenen vormen van het geloof van onze religie, die in werkelijkheid veel meer wetenschap bevatten dan we zouden vermoeden. Ik zou zelfs durven stellen dat er meer wetenschap zit in Genesis en het Evangelie dan in alle wetenschappelijke boeken bij elkaar vanaf het begin van de menselijke geschiedenis. We hebben dit vastgesteld met betrekking tot de grenzen van het evolutionisme.
Ongerijmde instrumenten om geloofsonderwerpen te benaderen
Het ergste wat een katholiek kan doen, is zich verschuilen in de filosofie en geloofsonderwerpen behandelen met de instrumenten van de filosofie. Dat is helaas precies wat er gebeurt!
Een hoogleraar aan de faculteit Bio-ethiek van de Universiteit Regina Apostolorum bevestigde mij dat dit systematisch gebeurt op de seminaries. Op de seminaries gebruikt men dus verkeerde gereedschappen: alsof ik als chirurg zou willen werken met de werktuigen van een metselaar of een timmerman. Men gebruikt instrumenten van menselijke disciplines om de zaken van God te behandelen! De resultaten die daaruit voortkomen zijn vaak behoorlijk bekritiseerbaar en brengen de priesters zelf in de problemen.
Je kunt een wetenschapper die over Wetenschap spreekt geen middelen geven zoals de filosofie, noch aan een religieus die over de waarheid van God spreekt dezelfde middelen van de filosofie! Dit is een werkwijze waartegen we moeten leren ageren en die we moeten verwerpen! Er is geen geloofwaardigheid en gezag in deze mensen!
Uit deze situatie is een tweedeling ontstaan tussen de wereld van de Wetenschap en die van het Geloof. Er is een diepe psychologische onderhorigheid van de gelovigen ontstaan ten opzichte van de wetenschappers, wat heeft geleid tot het vervreemden van vele wetenschappers van het Geloof. Ieder staat op zichzelf.
De crisis van het Geloof
In de afgelopen eeuwen is er, vooral in de landen van Latijns-Amerika en de Verenigde Staten, een wildgroei geweest aan sekten en vertakkingen van filosofische stelsels, maar al deze systemen hebben nooit een alomvattend antwoord van 360 graden kunnen bieden.
Er is ons altijd op een gedeeltelijke manier geantwoord: “Je gelooft door een ‘eigen’ innerlijke daad dat de dingen zo in elkaar steken,” waarbij men probeert binnen het eigen verstand Geloof en Rede te harmoniseren, maar nooit zijn deze antwoorden geplaatst in een logische context die de twee zaken met elkaar in harmonie brengt.
Als u ooit de gelegenheid heeft gehad om naar een van die talkshows te kijken, zoals ‘Porta a Porta’, waarin een religieus onderwerp wordt behandeld, zal het u opgevallen zijn dat wanneer het de beurt is aan de priester of de bisschop — die op de een of andere manier de Kerk moet vertegenwoordigen en bepaalde geloofsbegrippen moet verdedigen — de psychologische houding altijd verdedigend is. Zij vluchten steeds in vage argumenten en laten vrij spel aan degenen die juist de Kerk aanvallen, zelfs wanneer de waarachtigheid van bepaalde verschijnselen met een intrinsieke, objectieve waarde kan worden aangetoond, zoals de stigmata van Pater Pio die door de Wetenschap zijn gedocumenteerd.
Deze onderhorigheid van de katholieke wereld openbaart zich in al haar dramaticiteit op het moment dat gelovigen niet eens de historiciteit kunnen verdedigen van bovennatuurlijke en wonderbaarlijke gebeurtenissen, die overigens zelfs door atheïstische journalisten zijn gedocumenteerd en getuigd. Denk aan de gebeurtenis die in 1917 voor duizenden mensen plaatsvond in Fátima, zoals de kranten uit die tijd berichtten, of aan de gebeurtenissen van 2000 jaar geleden die zich tot op de dag van vandaag blijven herhalen, van Medjugorje tot Lourdes en alle plaatsen van spiritualiteit, waar jong en oud genezen in lichaam en geest. Ik denk dat de tijd is gekomen om deze psychologische onderhorigheid te doorbreken!
Wij zouden met een veel kritischer oog moeten gaan kijken naar deze zogenaamde wetenschappers. Onze experts zouden de waarheid moeten verdedigen in plaats van te laten geloven dat de anderen gelijk hebben! Zij zouden het pseudo-gezag van deze personen moeten kunnen aanvechten. Deze mensen nemen ons in de maling! Er is geen echt debat. Ik denk dat deze debatten er juist op gericht zijn om iedereen in zijn eigen overtuiging te laten.
Uiteindelijk wordt iedereen aan zijn lot overgelaten.
Deze kloof van onbegrip tussen Wetenschap en Geloof, die al decennia voortduurt, is door de exponentiële groei van de technologische ontwikkeling inmiddels onoverbrugbaar geworden.
De Wetenschap heeft in de afgelopen eeuw — sinds de ontdekking van de radiogolven en het winnen van energie uit het atoom — meer vooruitgang geboekt dan in alle voorgaande duizenden jaren samen. De technologische ontwikkeling en de verandering in ons dagelijks leven geven veel kracht aan degenen die met de Wetenschap het Geloof willen bekritiseren. Uitgaande van soms verkeerde veronderstellingen komen zij tot verkeerde conclusies. We zien hier een voorbeeld van wanneer zij ons het verhaal over de oorsprong van de mens pretenderen te vertellen.
Wetenschappers zijn echter, met de kennis die zij hebben opgedaan, voortdurend in beweging. Wat tot gisteren in de boeken stond en de werkelijkheid leek, is dat vandaag niet meer. Tot gisteren, zo hebben we gezien, leek de theorie van de Chromosoomreductie logisch om het ontstaan van de mens uit de aap te verklaren, en vandaag is die wetenschappelijke theorie dat niet meer. Dus ik realiseer me heel goed hoe wetenschappers, al is het te goeder trouw, de werkelijkheid weten te manipuleren.
Alles wat op wetenschappelijk gebied wordt gepubliceerd: als we er met een vergrootglas naar kijken, zien we dat het in 90% van de gevallen onderhevig is aan verandering, zo niet ronduit gemanipuleerd.
Ze nemen de schepping van de volmaakte mens, zoals die ons in Genesis wordt verkondigd, niet eens in overweging en negeren dientengevolge zijn oorspronkelijke val. Ze denken dat de erfzonde een individuele zonde is waarin de mens zichzelf tot rechter maakt over goed en kwaad. Zo verwarren ze zijn re-evolutie met evolutie.
Het niveau van manipulatie op wetenschappelijk niveau is zo sterk dat het meer antwoord geeft op persoonlijke behoeften en zucht naar macht dan op de waarheid: het is zo sterk dat wij het ons niet eens kunnen voorstellen. Zich dus op het gebied van het Geloof laten beledigen door figuren die de Wetenschap zouden moeten vertegenwoordigen maar niets anders verkondigen dan hun eigen meningen, is onaanvaardbaar! Ze pretenderen zaken te bestrijden zonder ook maar iets te bewijzen!
Het is een vicieuze cirkel waar wij, als christenen en katholieken, uit moeten stappen! We kunnen niet langer onderworpen blijven aan deze situatie! Omdat mensen die geen enkel gezag en geen enkele geloofwaardigheid bezitten, daar voor de massamedia worden neergezet om te pontificeren.
De tijd is gekomen om deze conditionering te doorbreken en te werken aan het bewijs dat de Openbaring van het Oude en Nieuwe Testament rust op solide pijlers van wetenschappelijkheid en historiciteit, ver voorbij elke verbeelding.
Een historisch keerpunt: Don Guido is een mijlpaal
Een zo complex probleem moet een rode draad hebben die door de rationaliteit wordt geaccepteerd en gedeeld. Het moet tegelijkertijd deze geloofsinspanning kunnen omarmen en aanvullen wat wij, als arme menselijke wezens, anders niet zouden kunnen begrijpen met enkel de Wetenschap. Deze rode draad kan ons alleen gegeven worden door de Openbaring.
Laten we het niet vergeten: don Guido, die smachtte naar een logische verklaring van die beroemde Erfzonde, tastte decennialang in het duister voordat hij door de Heer werd bereikt. Pas toen hij zich op een gegeven moment overgaf aan zijn eigen onvermogen, pas toen greep de Vader in om hem de verklaring te geven: die verklaring waar hij al jaren naar zocht, maar die hij er niet uit kreeg. Alleen een openbaring kon helderheid verschaffen en grenzen stellen aan de Rede en de Wetenschap, die in volledige autonomie waren gegroeid zonder rekening te houden met de principes die, zij het op allegorische wijze, door Genesis werden uitgedrukt.
Alleen een openbaring kon volkomen wetenschappelijke en logische antwoorden geven die tegelijkertijd van Geloof getuigen. Alleen de Heer kon uitleggen hoe Hij, met volmaakte harmonie, Zijn ‘directe schepping’ had ingepast in de context van een reeds bestaande schepping, met inachtneming van de universele wetten van de genetica die door de wetenschap zijn ontdekt. Dit is de grote vernieuwing die don Guido ‘Gemedieerde Schepping’ (Creazione Mediata) heeft genoemd, aangezien God — zo legt hij uit — Zijn nieuwe schepping invoegt in een reeds bestaande context die er het ondersteunende ‘middel’ van wordt. Laten we zien hoe.
Wanneer de Heer een nieuwe soort schept, grijpt Hij altijd in door de gameten van het eerste paar individuen van de soort die Hij wil scheppen ‘uit het niets te scheppen’, waarbij Hij steunt op en ‘als ondersteunend middel’ gebruikt wat Hij al had geschapen: namelijk de baarmoeder van een vrouwtje van een reeds bestaande soort, om de foetus tot volledige rijpheid te laten komen om geschikt te zijn voor de geboorte. Daarom noemde don Guido dit proces ‘Gemedieerde Schepping’. ‘Schepping’ omdat het bestaat uit een directe scheppende ingreep van God; ‘gemedieerd’ omdat het een al bestaand middel als ondersteuning gebruikt. Er is dus geen enkele chromosomale continuïteit tussen de ondersteunende soort en de nieuw geschapen soort. En deze wet heeft Hij ook gebruikt voor de schepping van de menselijke soort.
Deze bijzonderheid om Wetenschap en Geloof met elkaar in overeenstemming te brengen was tot nu toe niet naar voren gekomen. Hij, die een man van geloof was, van een zeer diep geloof en een extreme eenvoud, ‘zocht de wetenschappelijke verklaring’ van deze thema’s vanuit het perspectief van het Geloof, die anders op de as van het evolutionisme onverklaarbaar blijven.
Om deze reden heeft de door don Guido ontvangen openbaring naar mijn mening een keerpunt gemarkeerd.
Don Guido heeft een historische wending gegeven aan de relatie tussen Wetenschap en Geloof, een wending die een halt kan toeroepen aan de diaspora — die we nu al eeuwen kennen — van wetenschappers die weglopen van het Geloof omdat dit Geloof wordt gepresenteerd als een onverteerbare brok, doordat er, zoals ik al zei, verkeerde instrumenten worden gebruikt wanneer de filosofie erbij wordt gesleept.
Er zit veel meer Wetenschap in Genesis en het Evangelie dan in alle andere boeken over Wetenschap, alleen komt dit feit niet naar voren omdat niemand — totdat don Guido ingreep en totdat de Heer aan don Guido ‘de sleutel’ gaf met de oplossing van deze problemen — dit voor het voetlicht heeft gebracht.
En er zit Wetenschap in de openbaring van don Guido, ook al zijn wij er vandaag de dag niet toe in staat om het gehele belang van deze openbaring te begrijpen en te vatten hoeveel deze openbaring wel niet een openbaring van Wetenschap is!
Daarom is don Guido precies om deze reden een mijlpaal. En men kan bij hem beginnen om te bewijzen dat er in het Evangelie deze pijlers van wetenschappelijkheid en historiciteit staan, ver voorbij elke verbeelding. We zien dit ook in het Evangelie van Johannes wanneer hij ons in de Proloog spreekt over de schepping.
Ik zou u eraan willen herinneren dat Johannes op een gegeven moment in het Evangelie, wanneer Jezus zich tot de Farizeeën richt en hen er publiekelijk en duidelijk van beschuldigt ‘de sleutel van de Wetenschap en Kennis te hebben weggenomen’ opdat de Israëlieten geen toegang tot deze Kennis zouden hebben, zegt: “U bent niet binnengegaan” — dat wil zeggen: u heeft zich er niet aan verbonden, of u bent niet in staat geweest het te begrijpen, of u heeft de waarheid over het doel van Jezus’ missie niet willen begrijpen — “en u heeft de sleutel weggenomen zodat alle anderen uitgesloten bleven” (vgl. Lc 11, 52 / Joh). Wat was ‘de sleutel’? De sleutel was, en is nog steeds, het onverbrekelijke verband tussen Erfzonde en Verlossing. De meerderheid van de Joden is immers uitgesloten gebleven van de kennis van Jezus als Verlosser. Afgezien van die eerste gemeenschappen die zich bij Jezus aansloten, zijn alle anderen er buiten gehouden Hem te herkennen als de Zoon van God die gekomen is om de gevolgen van de Erfzonde te genezen. En vanaf dat moment besluiten de Farizeeën Hem te gedoog-doden/om te brengen.
Sinds de schepping is er in de strijd tussen de krachten van het Goede en het Kwaad altijd deze poging van het Kwaad geweest, deze wil om de waarheid te verbergen. Dit herhaalt Jezus wanneer Hij de Farizeeën beschuldigt van het wegnemen van de sleutel van de dwaze Kennis zodat alle anderen buiten zouden blijven. En nu is er een nieuwe poging gaande om de waarheid te ontmantelen door het christendom te ontmantelen.
Vandaag zijn ons de redenen helder waarom het christendom, met zijn boodschap van redding die het plaatst in het perspectief van een nieuw Verbond tussen God en de mens, van oudsher in de frontlinie staat als doelwit van de haat van rationalisten, positivisten, communisten, vrijmetselaars en in het algemeen van alle monstrueuze ideologieën die de afgelopen 300 jaar, vanaf de Verlichting, aan het venster van de geschiedenis zijn verschenen. Al deze ideologieën hadden als einddoel het omverwerpen van de fundamentele pijler van onze Openbaring.
Het Jodendom en het Christendom
Maar voordat we dieper ingaan op het onderwerp van de relatie tussen Geloof en Wetenschap zoals geïntroduceerd door don Guido, zou ik enkele religieuze basisbegrippen met betrekking tot het Jodendom en het Christendom in herinnering willen roepen om hun unieke karakter ten opzichte van alle andere religies te belichten.
Ten onrechte spreekt men van drie monotheïstische religies door het islamisme op één hoop te vegen met het jodendom en het christendom. Maar alleen het jodendom en het christendom hebben een gemeenschappelijke noemer die hen uniek maakt. Als we de Koran gaan lezen, zien we dat de islam niet op één lijn gesteld kan worden met de joodse en christelijke religie, die als gemeenschappelijke noemer de aankondiging en geschiedenis hebben van een Verbond tussen God en de mens, en dat dit Verbond tot doel heeft de mens door het werk van een Messias vrij te kopen uit een staat van verval en corruptie, veroorzaakt door een niet nader gespecificeerde ‘Erfzonde’. Deze unicitat en bijzonderheid bezitten alleen het jodendom en het christendom. Ze associëren met de islam is als het mengen van water met olie. Deze fundamenten hebben alleen deze twee religies! De andere kunnen elke oplossing aandragen, maar sluiten van tevoren het gegeven van de Erfzonde uit, die de primaire oorzaak was van het verval.
Dat is waarom wij deze twee religies moeten scheiden van al die religies die deze gemeenschappelijke wortel niet hebben. En als we voorbijgaan aan het uitgangspunt dat de oorsprong van alle kwaad de Erfzonde is die de aanzet heeft gegeven tot het verval van de mens, als we voorbijgaan aan wat deze twee religies verbindt, dan kunnen ze beide gemakkelijk vergeleken worden met alle andere filosofieën of religies, ongeacht het percentage waarheid dat ze mogen bevatten. En dat is een misleiding.
En we kunnen evenmin voorbijgaan aan het feit dat het jodendom en het christendom niet gebaseerd zijn op een spinsel van de menselijke geest als vertrekpunt, maar op de Openbaring die uitgaat van God en gericht is tot de mens.
In essentie is de grondslag van andere religies nooit intrinsiek verbonden met de Openbaring die ons vertelt over de oorsprong van de mens, zijn val en het verband met de Verlossing. Mohammed kan wel beweren dat de aartsengel Gabriël hem in een visioen is verschenen, maar de grondslag van zijn religie is niet intrinsiek verbonden met een noodzakelijke verlossing van de mens als gevolg van de oorspronkelijke val. Terwijl de Openbaring van het jodendom en het christendom het bewustzijn geeft van het feit dat de mens zichzelf niet redt.
Het is het tegenovergestelde van wat de rationalistische en positivistische wereld ons vandaag de dag wil doen geloven: dat de mens in een technologische wereld verbonden met de Wetenschap ‘op eigen kracht’ in staat zal zijn dit verval te corrigeren, dat wij uiteraard in verband brengen met de Erfzonde. De mens gelooft dat hij met behulp van de Wetenschap in staat is ziekten te laten verdwijnen, economische en sociale systemen van rechtvaardigheid en eerlijkheid te creëren, dat hij ‘op eigen kracht’ in staat zal zijn het kwaad van de aarde te laten verdwijnen, en dus in staat zal zijn zijn eigen leven te verlengen en zichzelf te redden. Af en toe hoort men op het journaal pseudo-wetenschappelijke verdiepingen dat de mens binnenkort 200 jaar en ouder zal worden of dat ziekten er niet meer zullen zijn.
Dit zijn allemaal min of meer duidelijke, min of meer verborgen, subliminale boodschappen die ons willen doen geloven dat de mens Jezus of God niet nodig heeft om gered te worden, maar zichzelf ‘op eigen kracht’ redt.
De Erfzonde wordt langs genetische weg overgedragen
Over de Erfzonde wordt steeds minder gesproken en wanneer men het er wel over heeft, wordt dit bijbelse verhaal uitgelegd met speculatieve of ideologische instrumenten. Ik heb meegemaakt dat ik met veel priesters sprak die de Erfzonde zelfs ronduit ontkennen. Zij presenteren het als een allegorie, een literair genre, als iets wat de Bijbel vertelt, maar zij koppelen het niet aan een specifieke handeling of aan een specifiek historisch feit. En dit is uiteraard de hefboom om alles te ontwrichten, om alles te laten instorten. Men legt dit bijbelse verhaal uit met speculatieve, filosofische instrumenten en niet vanuit het Geloof, waarbij men zelfs de duidelijke catecheses wil negeren van Paus Benedictus XVI, die de mechanismen van overdracht van de aan de Erfzonde verbonden verschijnselen als ‘biologisch’ heeft gedefinieerd, in volmaakte harmonie met wat don Guido had beschreven en gezegd.
De meest voorkomende fout is het toeschrijven van de uitvoering van de Erfzonde aan een groep mensen en niet aan ‘één enkele’ man, Adam, zoals St. Paulus daarentegen zeven keer op rij zegt en herhaalt in de Brief aan de Romeinen. Het aanvaarden van die these staat gelijk aan een tsunami voor de Katholieke Kerk en voor de gehele Openbaring, om een dubbele reden. Ten eerste omdat het gepaard gaat met de ontkenning van de historiciteit van Adam als eerste mens en als ‘enige’ auteur van de Erfzonde; ten tweede omdat, door het vaderschap daarvan genetisch toe te schrijven aan een groep mensen die de oermensheid vertegenwoordigen, de ernst ervan aanzienlijk wordt afgezwakt. Door de verantwoordelijkheid over velen te verdelen, ontmantelt men de verwoestende kracht die door de Heilige Schrift duidelijk aan de Erfzonde wordt toegeschreven.
Wat het eerste punt betreft: ik heb gesproken met vooraanstaande hoogleraren van theologische faculteiten die mij vertelden dat Adam nooit heeft bestaan! Maar hierop grijpt St. Paulus niet in met het scalpel: hij grijpt in met het zwaard! En St. Paulus spreekt voortdurend over Adam en presenteert hem als ‘de enige’ tegenstander van Christus, en Christus als de Enige die in staat is de gevolgen van de Zonde van Adam teniet te doen! St. Paulus onderstreept dus dat Adam ‘alleen’ de auteur is van de Erfzonde, zoals don Guido later zal uitleggen.
Iemand zou kunnen tegenwerpen dat Genesis deze zonde toeschrijft aan Adam en Eva. Maar ik ben er gevoelsmatig veel meer toe genegen geloof te hechten aan St. Paulus, die zijn tekst tweeduizend jaar geleden heeft geschreven, verrijkt met theologische redeneringen, dan aan de letterlijke tekst van Genesis, die meer dan drieduizend jaar geleden op allegorische wijze is geschreven en vervolgens is overgeschreven met vele mogelijke vertaalfouten en vele mogelijke knip- en plakwerkzaamheden. Want, dat moeten we erkennen, er is een zeker contrast tussen de dingen die worden gezegd op het niveau van de mozaïsche Genesis — waar het twee personen zijn, de man en de vrouw, aan wie deze Zonde wordt toegeschreven — en St. Paulus, die op een heldere en kordate wijze voortdurend het tegendeel herhaalt, juist opdat er geen enkele twijfel over blijft bestaan dat de Zonde ‘enkel’ aan Adam is gebonden. En met ‘Adam’ bedoelt hij niet Adam en Eva, aangenomen dat men met Eva de Vrouw wil bedoelen!
Als beiden hadden gezondigd, terwijl ze genetisch volmaakt waren, zouden we niet de Chromosoom-syndromen en zoveel andere wanverhoudingen als gevolg hebben. Om dit alles uit te leggen is er slechts de hybridisatie van de soort, en deze moet noodzakelijkerwijs gebaseerd zijn op een gemeenschap die heeft plaatsgevonden buiten de eigen soort. Dit lijkt mij zonneklaar.
De tweede reden waarom deze opstandige houding ten opzichte van het Geloof een tsunami vertegenwoordigt voor de Katholieke Kerk, is dat men, door de Erfzonde op een gegeneraliseerde manier toe te schrijven aan de oermensheid, de ernst en de verwoestende kracht van deze daad van ongehoorzaamheid en van oorspronkelijke rebellie sterk afzwakt door de verantwoordelijkheid over velen te verdelen. Ik zou geen banale uitdrukking willen gebruiken, maar wanneer iedereen schuldig is, is niemand schuldig.
We weten hoe deze Zonde in Genesis wordt gepresenteerd en hoe dit verhaal vrij verwarrend is en in de uiteenzetting ervan eerlijk gezegd onaanvaardbaar voor ons als tijdgenoten. Laten we niet vergeten dat het derde hoofdstuk van Genesis, dat over de Erfzonde gaat, door de schrijvers van koning Salomo is overgeschreven in een bewust hermetische taal. We weten ook dat dit verhaal in de loop der eeuwen altijd al tot controverses en meer of minder fantasierijke interpretaties heeft geleid. Als we de verschillende interpretaties gaan lezen, beginnend bij de Kerkvaders en eindigend bij alle verschillende theologen en filosofen van vandaag, heeft ieder het op zijn eigen manier verteld. En zelfs don Guido kwam niet uit dit labyrint, totdat er het directe ingrijpen van de Vader was. Het was nodig dat God Zelf de interpretatie van deze passage zou geven. En Hij gaf deze op een wetenschappelijke wijze. Tot aan don Guido was het onmogelijk om het probleem van de Erfzonde op een wetenschappelijke manier te benaderen!
De crisis van het Geloof
Een vraag die ik aan iedereen zou willen stellen en die ik aan mezelf stel: is het in 2011 mogelijk om Genesis te presenteren als een boodschap die inconsistent is met onze rationaliteit? Volgens mij is dat niet langer mogelijk! En bovenal heeft deze situatie van scheiding tussen Geloof en Rede, die onomkeerbaar lijkt, de Openbaring — zoals zij vandaag wordt verkondigd — totaal losgekoppeld doen lijken van het leven van de mens in de eenentwintigste eeuw.
Dit was het thema dat eind september 2011 centraal stond in de toespraak van de Paus in Duitsland, toen hij zei dat “de ware crisis van de Kerk in de westerse wereld een crisis van het Geloof is”, en hij voegde eraan toe dat “als we niet tot een ware vernieuwing in het Geloof komen, elke structurele hervorming ondoeltreffend zal blijven”. Het zal geen enkel effect sorteren! Het zijn zeer zware woorden! We vinden ze allemaal terug op de website van ‘Avvenire’. Ze zijn door alle media overgenomen, maar ze zijn voorbijgegaan als een van de vele dingen die zijn gezegd door deze In het wit geklede Man die hier en daar rondreist. Maar ze bezitten een kracht die duchtig is als we erover nadenken in deze context die ik heb geprobeerd te schetsen! De Paus is er zelfs toe gekomen om te zeggen: “Een onrustige agnost is dichter bij God dan een christen voor de vorm”!
Een agnost die de waarheid zoekt
Laten we ons verplaatsen in de schoenen van iemand die de waarheid zoekt en deze op een eerlijke, oprechte manier zoekt: hij is niet bereid tot compromissen, zelfs niet met zichzelf. Hij kan niet iets accepteren wat in zijn geest ‘niet klopt’. Dus als ik, in de huidige tijd waarin de Rede centraal is gesteld en de Wetenschap wordt gepresenteerd als datgene wat de wereld beweegt en wat de wereld redding zal brengen, geen logische verklaring heb om mezelf te geven, en als ik niet bereid ben om compromissen te sluiten, zelfs niet met mezelf, en als mij de Openbaring wordt verteld met dat begin van Genesis zonder dat het mij op een coherente manier wordt uitgelegd, dan geloof ik niet. Dan ben ik agnost. Dat is het resultaat.
De Paus zelf heeft de agnostici gerechtvaardigd die onrustig zijn omdat ze op zoek zijn naar de waarheid. En hij zei dat zij veel dichter bij God staan dan een mens met een lauw geloof. Als zij die innerlijke drang hebben die hen niet rustig laat, die hen drijft tot een zoektocht die in harmonie is met de rede, dan wijzen zij af wat hun in die termen wordt voorgesteld. Zij staan veel dichter bij God dan iemand die mechanisch naar de Mis gaat, mechanisch de formules opzegt, passief zit te luisteren naar de homilie en, wanneer de priester iets te lang van stof is, niet kan wachten om naar huis te gaan, de televisie aan te zetten om te kijken naar de Grote Prijs of de voetbalwedstrijd. Dus, zonder een rijpe en diepe overtuiging van de Erfzonde, is het vandaag de dag coherenter om te leven als agnostici dan als overtuigde christenen.
Bij het voorbereiden van de afbeeldingen die ik in deze tekst heb ingevoegd, ben ik geholpen door een medewerkster van mij, Margherita, jong, zeer bekwame, die zichzelf omschreef als agnostisch. Elke keer dat ik haar vroeg om mij te helpen met dit werk dat verbonden is met de openbaring van don Guido, deed zij dat met veel liefde en met meer inzet dan wanneer ik haar routinetaken gaf. En toen ik die zin van de Paus las, moest ik aan Margherita denken. Er zijn vandaag de dag zoveel Margherita’s in de wereld die er klaar voor zijn en op niets anders wachten dan de gehele waarheid te leren kennen, de waarheid die de logica in overeenstemming brengt met de Openbaring, de logica van wat er in het Evangelie geschreven staat met wat er in ons hoofd geschreven staat, omdat God ons dit verstand en deze verklaringen heeft gegeven opdat wij geloven. Deze agnostici op zoek naar de waarheid wachten op niets anders. Dat zeg ik niet, dat zegt de Paus!
De diaspora uit het Geloof
Misschien ben ik iets te lang uitgeweid in deze verhandeling, maar volgens mij was het een plicht om een context te geven aan het thema Genesis, om het onderwerp van de christelijke moraal met een nieuw perspectief te introduceren. De openbaring die aan don Guido is gedaan, markeert vandaag een keerpunt, omdat het een geducht instrument kan worden, niet alleen om Geloof en Rede te harmoniseren, maar ook om een thema van nieuwe evangelisatie te worden. Want juist in het Evangelie, en daarvoor nog in Genesis, vinden we die scharnierpunten van de katholieke moraal, die nu de kritieke punten zijn geworden die iedereen doen wegvluchten van het Geloof.
De diaspora uit het Geloof is ook verbonden met het feit dat er vandaag in de Kerk niet het vermogen is om op een overtuigende manier enkele kritieke punten uit te leggen: echtscheiding, de sacramenten voor gescheidenen, de omgang met anticonceptie, homoseksualiteit, het standpunt van de Kerk over reageerbuisbevruchting, abortus, stamcelonderzoek: allemaal onderwerpen die dagelijks door de media worden behandeld en die worden gebruikt als stokken om de Katholieke Kerk te slaan, telkens wanneer de gelegenheid zich voordoet.
En dus, ziedaar de vraag die ik mij stel: is het vandaag de dag mogelijk om toe te laten dat de standpunten van de Kerk over deze thema’s aan de wereld worden gepresenteerd als een autoritaire en obscurantistische houding, omdat ze — zo zegt men — geen rekening houden met de behoeften van het individu? Volgens mij is dat niet langer mogelijk! Vandaag moeten er verdere verklaringen en motiveringen worden gegeven, die ons alleen toekomen vanuit de openbaringen die logica geven aan Genesis.
Toen ik het boek van don Guido las, werden mij veel dingen helder, omdat ze het Evangelie verhelderden. Ik neem het voorbeeld waar Matteüs spreekt over echtscheiding en waar Jezus op een zeer kordate manier zegt dat “het in het begin niet zo was” (Mt 19, 8). Wanneer was ‘dit begin’? Hebben we ons ooit afgevraagd wat ‘dit begin’ is? Het begin is voordat de eerste twee, het eerste paar, de Man-Adam en de Vrouw, uit elkaar gingen en dat Adam weigerde nog andere kinderen te krijgen.
Als ik over mijn persoonlijke ervaring zou moeten spreken: hoewel ik ben geboren en getogen in een katholiek gezin, met een moeder die altijd naar de Mis gaat en de Sacramenten leeft, die altijd met de rozenkrans in de hand loopt, ben ikzelf — die als jongen de parochie bezocht en hoewel ik altijd een band met mijn religie heb behouden — op een gegeven moment voor 30 jaar verwijderd geraakt van het Geloof. Ik ging misschien op zondag naar de Mis, maar als een ‘christen voor de vorm’. Die standpunten op het gebied van de katholieke moraal waren voor mij, totdat ik don Guido las, onaanvaardbaar. Dus vanaf het moment dat ik trouwde totdat ik dit boek las, ben ik niet meer tot de Eucharistie getreden, omdat ik het in eer en geweten niet over mijn hart kon verkrijgen om ter Communie te gaan. Ik begreep dat de bijbelse Openbaring niet iets kan zijn voor ons eigen gebruik en gemak. Het vereist coherentie. Wij kunnen niet 90% van het Evangelie aannemen en accepteren, en de overige 10% negeren. En omdat ik die 10% niet accepteerde, slot ik uit coherentie alles uit. Ziedaar waarom ik mij, totdat ik don Guido las en een wending aan mijn leven gaf, een uitgeslotene voelde, omdat ik bepaalde principes niet deelde.
Het feit dat men probeert de authenticiteit van de Evangeliën te ondergraven door te zeggen dat ze heel laat zijn geschreven, heel ver af van de gebeurtenissen, en dat veel dingen een beetje geromaniseerd zijn, is een extra hefboom om de deuren van de permissiviteit te openen voor de mensen die vervolgens proberen om, wellicht te goeder trouw, de Openbaring aan te passen voor eigen gebruik en gemak. Dus neemt men die 90% die kan aansluiten bij de eigen behoeften en aspiraties, en wist men die laatste 10% uit.
En hoe kan de Vader dan de echtelijke scheiding accepteren, als alle kwaad van de wereld, vanaf de Erfzonde, is gegroeid uit een buitenechtelijke gemeenschap, uit een feitelijke scheiding tussen man en vrouw, uit een gezin dat ontwricht is?! Ik weet niet of we er ooit over na hebben gedacht! Ik zie dat zeer krachtige beeld weer voor me, waarin don Guido vertelt over Adam die, in het visioen, zijn zaad, dit DNA, zijn potentiële nageslacht, als een daad van uitdaging tegen de Vader slingert.
Hoe kan men dus vandaag de dag compromisstandpunten over de voortplanting accepteren en datgene doen wat de Kerk duidelijk verbiedt: het feit dat men de gameten in een reageerbuis kan plaatsen en de voortplanting kan laten plaatsvinden buiten het natuurlijke traject om? Vandaag zijn we zo aanmatigend door het feit dat we toegang hebben gekregen tot een greintje kennis! En vooral degenen die de wetenschappelijke boeken schrijven zijn zo vol van zichzelf! Door het feit dat ze iets weten, denken ze alles te weten! Wij zijn vandaag niet in staat om te begrijpen welke problemen een reageerbuisvoortplanting kan meebrengen voor het ongeboren kind, niet alleen vanuit fysiek oogpunt, maar ook vanuit spiritueel oogpunt.
Het Geloof als reddingsmiddel
Volgens mij is don Guido precies gekomen als een reddingsboot, als een reddingsanker, als een reddingsboei die is toegegooid aan de mensen die verdrinken, zoals ik dat was, die al 30 jaar een christen voor de vorm was. Ik heb mijn kinderen laten dopen omdat mijn ouders dat met mij hadden gedaan, maar zonder de kracht van het Doopsel als sacrament en de betekenis van het Doopsel te begrijpen. Dit heb ik begrepen door don Guido te lezen: wij zijn allemaal hybriden, en hybriden waren uitgesloten van het legitieme kindschap van God, niet door hun eigen schuld, maar door ongeschiktheid, door niet-geschiktheid. Zij hadden een daad van ‘adoptie tot kinderen’ nodig om hersteld te worden onder Zijn Kinderen. En deze formele en substantiële daad is het Doopsel.
Dus de andere vraag die we ons moeten stellen is deze: is het voor ons gelovigen mogelijk om deze normen vandaag de dag niet te beleven als stompzinnige opleggingen, maar ‘als antigif’ tegen de natuurlijke menselijke neiging tot de zonde — omdat we deze natuur, deze geneigdheid om te dwalen, in ons dragen — en ze te beleven als een serieuze en bewuste inspanning om ‘als adoptiekinderen’ aan te sluiten bij het oorspronkelijke project van volmaaktheid dat door de Vader is gewild?
Ik wil niet over de zonde spreken zoals de Jezuïeten of de Dominicanen spraken, of zoals Savonarola sprak. Maar het feit dat we begrijpen dat de neiging om te dwalen, om ons te gedragen op een manier die niet strijdig is met de Wil van de Vader, voortdurend naar boven komt omdat we het in ons DNA hebben, is een heel belangrijk gegeven om deze normen, deze adviezen te accepteren. Laten we niet vergeten dat Jezus zegt: “Doet zoals Ik, weest zachtmoedig van hart, neemt Mijn juk op u, dat — als u de reden ervan begrijpt — niet langer zwaar is, maar een zacht juk is dat u helpt te groeien, dat u helpt om deze sprong van natuur te maken van de natuurlijke wereld naar de bovennatuurlijke wereld om de ‘adoptie tot kinderen’ te verkrijgen”.
Maar als wij dit juk voelen als iets wat ons beperkt, accepteren we het niet. En ook het volharden in bepaalde fouten komt vanzelf als we niet begrijpen waarom we worden geconditioneerd door onze eigen natuur. Als we het ‘waarom’ niet weten, slagen we er niet in om ons pad te veranderen en een ander pad te bewandelen dan dat waarin we hebben gefaald. We gaan te biecht en daarna gaan we weer op dezelfde manier in de fout. De zonde wordt beleefd als een abstract begrip, niet als iets wat een band heeft met de biologie.
Het is dus moeilijk om een oprechte en serieuze inspanning te vinden om als adoptiekinderen aan te sluiten bij het oorspronkelijke project van de Vader. Maar als we weten dat we de Zonde in onze natuur dragen, begrijpen we dat alleen de kracht van de Sacramenten ons van dit ding bevrijdt.
De adoptiekinderen en de Kinderen van God
De Openbaring vertelt ons dat de schepping in het begin volmaakt was. God heeft alles op volmaakte wijze geschapen. En dat deze volmaaktheid zodanig was dat Hijzelf er een welgevallen in had, Hij was gelukkig met wat Hij had gerealiseerd.
Maar na de Val zijn de dingen niet meer zo geweest. En, door Jezus, roept God ons — voor degenen onder ons die willen aansluiten bij dit project — roept Hij ons op om samen met Hem dit oorspronkelijke project te realiseren. Hij roept ons met het Doopsel, dat de daad is van ‘adoptie tot kind van God’.
Als wij het Doopsel vervolgens niet bereiken via de snelweg, dat wil zeggen via de Kerk, kan God besluiten om Zelf op een andere manier te dopen. De Kerk zegt dit expliciet: er is niet alleen het Doopsel van water, dat wat aan kinderen wordt gegeven wanneer de ouders hen naar de kerk brengen. Er zijn ook andere vormen van Doopsel. Er kan ook dat van verlangen zijn bij de onrustige agnostici wanneer hun zoektocht naar God oprecht is: de Heilige Vader heeft het gezegd.
En dan vraag ik me af, aangezien we wat weinig nadenken over dit detail van de adoptiekinderen: wie waren die Kinderen die de Openbaring ‘Kinderen van God’ noemt, zoals Genesis zegt (Gen 6, 2) wanneer het vertelt dat “de Kinderen van God zich verenigden met de dochters van de mensen”? En als er al Kinderen waren, betekent dat dat niet iedereen adoptie nodig had. Als wij een adoptie nodig hebben om ‘adoptiekinderen’ te worden, op voorwaarde dat we willen aansluiten bij het project van Verlossing, dan lijkt het mij duidelijk dat er Kinderen zijn die het Doopsel niet nodig hebben gehad om kinderen te worden. Het is dus duidelijk dat niet iedereen is besmet door de Erfzonde. Onder hen zijn degenen die niet hebben deelgenomen aan en volhard in de rebellie aan het begin van de mensheid. De Bijbel spreekt er hier en daar over, maar tot nu toe was hun identiteit niet uitgelegd.
En aangezien God volmaakte mensen heeft geschapen en onze natuur niet volmaakt is, is deze decadentie te wijten aan de Erfzonde. Dan vraag ik me af: wat zijn de verschillen tussen ons en die Kinderen die geen adoptie nodig hadden? En wat zijn ‘de gebreken’ die wij met ons meedragen als gevolg van die Zonde? Zijn het alleen de Chromosoom-syndromen en -pathologieën die ons lichaam en onze psyche hebben aangetast? Of is het ook het verlies van andere vereisten, zoals preternatuurlijke en bovennatuurlijke gaven? We zijn waarlijk arm!
Sint-Paulus en de Genesis
Laten we nu proberen dit betoog te verbinden met de tekst die wij op zondag in de Mis lezen. Neem bijvoorbeeld de Brief aan de Romeinen. St.-Paulus spreekt er vele malen over, maar een van de interessante punten is wanneer hij zegt (Rom 8, 19-21): vs. 8,19: ‘De schepping ziet immers met reikhalzend verlangen uit naar het openbaar worden van de Kinderen van God…’. Dit is iets wat we normaal gesproken lezen, maar wat nooit wordt uitgelegd. En men verdiept zich er niet in wie die Kinderen van God zijn. Men stelt niet eens de vraag of de Kinderen van God die zich moeten openbaren misschien niet degenen zijn die zijn geadopteerd of geadopteerd moeten worden, maar juist degenen zijn die de val als gevolg van de Erfzonde niet hebben ondergaan. En hij vervolgt: vs. 8,20: ‘Want de schepping is aan de zinfractie onderworpen, niet vrijwillig, maar door de wil van hem die haar daaraan onderworpen heeft’. De verwijzing naar Adam is duidelijk. En St.-Paulus zegt niet dat ‘slechts’ de mensheid aan de verdorvenheid is onderworpen, maar hij spreekt over de ‘gehele’ schepping. Dus planten, dieren, vissen… Het getuigenis van St.-Paulus is zeer belangrijk! vs. 8,21: ‘en (de schepping) koestert de hoop zelf ook bevrijd te zullen worden van de slavernij van de verdorvenheid om in te treden in de glorieuze vrijheid van de Kinderen van God’. Hoe komt het dat de natuur, die volmaakt was geschapen, ook zelf in verval is geraakt? Dit maakt deel uit van het ‘Mysterium iniquitatis’. Laten we echter niet vergeten dat de mens aan de top van de schepping was geplaatst en dat hem de macht over de gehele natuur was gegeven. En deze macht is hij na de Zonde niet kwijtgeraakt. vs. 8,22: want wij weten dat tot nu toe de gehele schepping zucht en in barensnood verkeert; omdat de gevolgen zich nu nog voortzetten. vs. 8,23: en niet alleen zij, maar ook wij, ‘die de eerstelingen van de Geest hebben’, zuchten in onszelf in afwachting van de adoptie tot kinderen van God: de verlossing van ons lichaam. Hebben we deze passage van St.-Paulus ooit met aandacht gelezen? Als we het vanuit deze invalshoek lezen, krijgt het een heel andere diepgang! Ik heb dit met opzet onderstreept, omdat St.-Paulus de ‘gelijkwaardigheid’ wil benadrukken tussen het feit dat we worden geadopteerd en de verlossing ‘ook’ van ons lichaam. Geadopteerd worden betekent dat de Heer ‘ook’ de verlossing van ons lichaam bewerkt. Paulus spreekt hier niet over de verlossing van onze Geest, want dat heeft hij al eerder gezegd. ‘De eerstelingen van de Geest’ bezitten we al! Maar desondanks zuchten wij innerlijk, zoals de gehele schepping, omdat wij ‘wachten op de verlossing van ons lichaam’. Dit vers legt uit wat wordt bedoeld met ‘de verrijzenis van het vlees’: wij wachten op de genezing van alle lichamelijke en psychische ziektes en misvormingen die door de Erfzonde zijn veroorzaakt. In dit geval zijn ‘verlossing’ en ‘verrijzenis van het vlees’ begrippen die hier aan elkaar gelijk zijn. Ze verwijzen in beide gevallen naar de werkelijke genezing, ‘in toto’, van de gevallen mens. Wij weten niet waarom de Vader het spirituele deel heeft verbonden met het soms zo verwoeste materiële of psychische deel. In Zijn herstel- of verlossingsproject beschouwt Hij het plan pas als voltooid wanneer er de volledige ‘verrijzenis van de lichamen’ zal zijn, oftewel ‘het herstel van deze lichamen in hun oorspronkelijke volmaaktheid’. Dus, zoals St.-Paulus zei, genieten wij weliswaar de eerstelingen van de geest, maar zolang we de adoptie tot kinderen niet hebben voltooid met de verlossing van ook ons lichaam en onze psyche — dat wil zeggen de volledige genezing van alle gevolgen van de Erfzonde — zijn wij nog niet aan het einde van dit herstelproject gekomen. In het Evangelie heeft ‘verrijzenis’ daarnaast een betekenis in engere zin. Er zijn episoden van verrijzenis die heel goed beschreven staan in het Evangelie, zoals die van Lazarus. Een andere is die van Tabita of die van de zoon van de weduwe van Naïn. In de context van die laatste wordt in een paar regels de uitleg ingevoegd van de reden van Jezus’ komst.
De verrijzenis van het vlees, of genezing, in de Evangeliën van Matteüs en Lucas
Jezus heeft op het thema van de ‘verrijzenis van het vlees’, opgevat als synoniem voor ‘genezing’, heel veel gewerkt voordat Hij bij Zijn eigen Verrijzenis aankwam. Slechts twee Evangeliën vertellen het voorval van de leerlingen van de Doper die Jezus ondervragen: dat van Matteüs en dat van Lucas. Laten we ze samen lezen. We beginnen bij Lucas (Lc 7, 18-23): vs. 7,18 ‘Ook Johannes de Doper werd door zijn leerlingen van al deze gebeurtenissen op de hoogte gebracht.’ Die gebeurtenissen waren deze: overal waar Jezus kwam, genas Hij allen die naar Hem toe kwamen om genezen te worden omdat zij in Hem geloofden. En Hij had zelfs de zoon van de weduwe doen opstaan uit de dood. vs. 7,19 ‘Johannes riep twee van hen bij zich en stuurde hen naar de Heer om te vragen: “Bent U degene die komen moet, of moeten wij een ander verwachten?”‘ Laten we proberen ons in te leven in de scène en ons voor te stellen wat er gebeurde en wat Jezus als antwoord deed. Jezus begint geen toespraak te houden. Hij handelt simpelweg. vs. 7,21 Op datzelfde ogenblik genas Jezus velen van ziektes, van kwalen en van boze geesten, en Hij schonk het gezichtsvermogen aan vele blinden. vs. 7,22 Daarna — nadat Hij velen had genezen — gaf Hij hun dit antwoord: “Gaat heen en bericht aan Johannes wat u hebt gezien: blinden zien weer, kreupelen lopen, melaatsen worden gereinigd, doven horen, doden staan op, aan armen wordt het Goede Nieuws verkondigd.” Wat zegt Jezus dus in drie regels: ‘Alles wat jullie hebben ondergaan als gevolg van de Erfzonde, ben Ik gekomen om weg te vagen.’ Hij hield geen lezing, maar Hij genas van kwalen, bevrijdde van boze geesten, deed doden opstaan — zowel lichamelijk als geestelijk — en gaf hun toen dit antwoord: “Gaat heen en bericht aan Johannes wat u hebt gezien: blinden zien weer, kreupelen lopen, melaatsen worden gereinigd, doden staan op.” En Hij sluit af met: “de doden”, die hier niet alleen degenen zijn die lichamelijk dood zijn, maar ook al degenen die geestelijk dood zijn omdat zij erfgenamen zijn van de Erfzonde en wachten op het ‘leven’ van de Geest: (Joh 5,24) zij “staan op” op het moment dat zij de gave van het Geloof aanvaarden, “aan armen wordt het Goede Nieuws verkondigd”, oftewel de eeuwige redding. En Hij besluit: vs. 7,23 “En zalig is ieder die aan Mij geen aanstoot neemt!” En toch hebben velen aan Hem aanstoot genomen. Wat er vervolgens gebeurde en wat het volk van Israël in tweeën spleet, was namelijk dat de Farizeeën — zelfs tegenover openbare gebeurtenissen die iedereen kon vaststellen — begonnen te beweren dat Hij een satanist was, omdat Hij Zijn macht van Satan kreeg, van Beëlzebul. De meeste Joden zijn daarin getrapt en bleven buiten de Verlossing. En dat terwijl zij deze dingen met hun eigen ogen zagen! Stel je voor hoe veel moeilijker het is voor ons die, op een afstand van 2000 jaar, moeten geloven zonder te zien!
Laten we nu kijken hoe hetzelfde voorval wordt vermeld in het andere Evangelie, dat van Matteüs (Mt 11, 2-5): vs. 2 ‘Toen Johannes in de gevangenis gehoord had van de werken van Christus, stuurde hij twee van zijn leerlingen om te vragen: vs. 3 “Bent U het die komen zou, of verwachten wij een ander?” Jezus antwoordde hun: “Gaat heen en bericht aan Johannes wat u hoort en ziet: blinden zien weer en kreupelen lopen, melaatsen worden gereinigd en doven horen, doden (niet alleen de zoon van de weduwe van Naïn, maar ook ‘de geestelijk doden’ omdat zij door de Erfzonde van de Geest van God beroofd zijn: Gen 6,3) staan op (door het geloof) en het Evangelie wordt aan armen verkondigd (de onterfden van het Eeuwige Leven)”.’ De essentie, het hart van de openbaring is dus dit: toen Jezus Zich in het openbaar moest identificeren — omdat dat hetgeen was wat op dat moment werd gezien door de ‘onrustigen’ of ‘agnostici’ 56 van het toenmalige Israël die op de komst van de Messias wachtten — heeft Hij Zich met deze feiten gelegitimeerd en Zich gepresenteerd met deze enkele woorden. In wezen zei Hij: “Ik kom om de schade te herstellen die door de Erfzonde is veroorzaakt.”
De waarheid zal u vrijmaken
Ik zou u nu graag de woorden willen voorleggen van een ander Evangelie, ditmaal dat van Johannes (Joh 8, 30-32): vs. 8,30 ‘Terwijl Hij deze dingen sprak, geloofden velen in Hem. Jezus dan zei tegen de Joden die in Hem geloofden: “Als u in Mijn woord blijft, bent u werkelijk Mijn leerlingen, en u zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u vrijmaken.”‘ Let er goed op hoe Jezus de grammaticale toekomst gebruikt. Wat is de waarheid waarnaar Jezus zinspeelt? De waarheid is precies deze: de waarheid over onze ‘decadentie’ nadat de Mens volmaakt was geschapen. Het is door don Guido dat wij ons hiervan bewust worden. Als we ons hier niet bewust van worden, draaien we in cirkels rond, geloven we in het evolutionisme, de neodarwinistische theorie, het theo-evolutionisme of het theïstisch evolutionisme, en trappen we in al de verschillende verhaaltjes die ons worden verteld: dat de mens zich op het toppunt van een voortdurende evolutie bevindt en dat hij, misschien niet nu maar over 100 of 200 jaar, zichzelf ‘op eigen kracht’ zal redden. Misschien door zich te laten invriezen… terwijl de wetenschap vordert en vooruitgang boekt, om zich vervolgens te laten ontdooien, nieuwe genen te laten inbrengen en… eeuwig te worden. Zichzelf redden ‘op eigen kracht’. Het zijn geen moppen! Er zijn Amerikaanse bedrijven die gouden zaken doen met deze materie!
En ik wil sluiten met deze citering uit Johannes waarin Jezus tegen de Zijne zegt: vs. 16,12 “Nog veel heb Ik u te zeggen, maar u kunt het nu niet dragen.” En hoe had Jezus de apostelen DNA en hybridisatie kunnen uitleggen, als wij pas na 1960 zijn gaan begrijpen dat sommige zeer ernstige erfelijke gebreken met chromosoomafwijkingen afhankelijk waren van het DNA? Wat kon Jezus tegen die mensen zeggen? Daarom gebruikte Jezus de toekomst ‘u zult kennen’. Het feit dat wij ‘nu’ de waarheid kennen, geeft ons de mogelijkheid om met meer ernst herstel te bieden via de middelen die Hij ons heeft gegeven. Daarom blijf ik erop hameren dat de wetenschap wel degelijk in het Evangelie zit. Men moet haar er alleen uithalen!
De Genesis en Valtorta
Laten we nu enkele passages van Valtorta bekijken. Ik merk vooraf op dat ik, sinds ik don Guido heb gelezen, de persoonlijke situatie van mijn leven en mijn werkrelatie ter hand heb genomen. Mijn leven is veranderd. Ik heb mezelf een regel gesteld waarop ik geen uitzonderingen maak. Alles wat in strijd is met de Evangeliën, de Brieven van St.-Paulus en de Openbaring, gooi ik in de prullenbak. Ik doe werk dat, behalve coherentie, bepaalde principes vereist. En ik heb het Evangelie als maatstaf genomen. De enige uitzondering is Valtorta, omdat zij het Evangelie niet tegenspreekt. Toen ik don Guido las, kende ik Valtorta nog niet en pas daarna ben ik er bekend mee geraakt. Valtorta is in volledige harmonie met alles wat ik zojuist uit de Evangeliën heb geciteerd en met wat don Guido zegt. Ik maak deel uit van de parochie van de Basiliek van de Annunziata in Florence, waar Valtorta begraven ligt. Het is 200 meter van mijn huis. De ware mystici komen vroeg of laat altijd boven drijven, ook al zijn ze, zoals Pater Pio, bestreden. Toen ik, na het lezen van don Guido, Valtorta ging lezen, vond ik in het begin de ‘Schriften’ erg moeilijk, terwijl ‘Het Evangelie zoals het mij is geopenbaard’ heel helder is: het vertelt, alleen op een diepgaandere manier, alles wat we in het Evangelie vinden. Er is een enkele onuitgegeven episode, of ze vertelt het uitgebreider, maar ik heb niets gevonden dat het Evangelie tegensprak. Degenen die ons interesseren, omdat ze spreken over de oorsprong van het menselijk ras, zijn de Schriften (Quaderni), in het bijzonder die van 1943 en die van ’46. Ik geef u slechts twee hele, hele krachtige citaten van deze mystica, omdat ze nauw verbonden zijn met de openbaring die don Guido heeft ontvangen. Hier is het Jezus Die spreekt over de gevolgen van de Erfzonde. Houd er rekening mee dat Valtorta alles onder dictaat heeft geschreven. En we kunnen gerust zijn over de juistheid, want als er een komma verkeerd stond, corrigeerde Jezus die. Het is niet zoals de vertelling van Emmerich, die aan iemand werd verteld en dat diegene het vervolgens ging opschrijven. Ook op het gebied van particuliere openbaringen moet men een ‘onderscheid’ maken. Valtorta heeft het rechtstreeks zelf geschreven. En niet alleen dat: de controle van Jezus was constant.
Het eerste citaat dat ik zou willen aanhalen betreft, onder de vele gevolgen van de Erfzonde, de lichamelijke lelijkheid en is afkomstig uit de ‘Schriften van ’43’: dictaat van 15 okt. 1943, pag. 379. Wij weten dat lichamelijke lelijkheid en schoonheid een beoordelingsmaatstaf hebben die voor iedereen geldt. Iedereen draagt die, in meer of mindere mate, in zich. Er zijn Amerikaanse studies die hebben aangetoond dat wij in ons basisparameters hebben die voor iedereen gelijk zijn. Laten we luisteren naar wat de eerste passage zegt: “De lichamelijke lelijkheid is tot de mens gekomen als een van de vele gevolgen van de Schuld. De Schuld heeft niet alleen de geest beschadigd, zij heeft met dergelijke letsels ook het vlees geraakt. Uit de geest, die de Genade had verloren, zijn tegennatuurlijke driften voortgekomen die de monstrositeiten van het ras tot vrucht hebben gehad. Als de mens de zonde niet had gekend, zou hij bepaalde prikkels niet hebben gekend en zou hij geen verfoeilijke en vervloekte verbonden zijn aangegaan die vervolgens, in de EEUWEN DER EEUWEN, met een stempel van lelijkheid hebben gewogen op de eerste oorspronkelijke schoonheid. En zelfs wanneer de mens er niet toe kwam zichzelf te verlagen met bepaalde schulden, drukte de kwaadaardigheid, gedreven tot delinquentie toe, stigma’s op de gezichten van de kwaadwillenden en op hun nakomelingen; stigma’s die u vandaag nog bestudeert om de delinquentie te onderdrukken.” Hier verwijst Hij waarschijnlijk naar Cesare Lombroso, die onderzoek heeft gedaan naar gelaatstrekken in relatie tot enkele ernstige misdrijven en de criminele geschiedenis. “Maar u, wetenschappers die ze bestudeert, zou moeten beginnen met het wegnemen van het eerste stigma van delinquentie uit uw eigen hart: datgene wat u opstandig maakt tegen God, tegen Zijn Wet, tegen Zijn Geloof. Het is nodig de geest te genezen en niet de schulden van het vlees en van het bloed te onderdrukken. Als de mens, door eerst zichzelf te genezen, vervolgens zou zorgen voor de spirituele opvoeding van zijn broeders — door deze geest te herkennen die de motor is van uw daden, en hem niet te ontkennen met woorden en nog meer met de werken van het hele leven — zou de delinquentie afnemen tot het een sporadische uiting wordt van een enkele arme geestelijk zieke…”
Zoals u kunt zien, is lelijkheid verbonden met de Erfzonde. Nu we weten hoe de dingen zijn gegaan, begrijpen we dat ook lelijkheid een resultaat is van de hybridisatie.
De tweede passage heb ik gehaald uit het boek van de ‘Schriften tussen ‘1945-50’: dictaat van 30 dec. 1946 pag. 285. Ik zou u er enkele regels uit willen voorlezen. Hier zullen we zien dat de vrucht van de hybridisatie de mens-dier is. “Ik hoor het nieuws dat ze in een grot skeletten van de mens-aap hebben teruggevonden. Ik blijf in gedachten verzonken en zeg: “Hoe kunnen ze dat beweren? Het zullen lelijke mensen zijn geweest. Aapachtige gezichten en aapachtige lichamen zijn er nu ook. Misschien waren de primitieven in hun skelet anders dan wij.” Er komt een andere gedachte bij mij op: “Maar anders in schoonheid. Ik kan niet bedenken dat de eerste mensen lelijker waren dan wij, aangezien zij dichter bij het volmaakte exemplaar stonden dat God had geschapen en dat zeker heel mooi was, evenals zeer sterk…” Jezus spreekt tot mij en zegt: “Zoek de sleutel in het 6e hoofdstuk van Genesis. Lees het.” Ik lees het. Hij vraagt mij: 58 “Begrijp je het?”. “Nee, Heer…”. Jezus glimlacht en antwoordt: “Je bent niet de enige die het niet begrijpt. De geleerden begrijpen het niet en de wetenschappers niet, de gelovigen niet en de atheïsten niet… Nadat de Kinderen van God zich verenigden met de dochters van de mensen en dezen baarden, kwamen daar die machtige mannen uit voort, beroemd door de eeuwen heen. (Dit zijn) De mannen die door de kracht van hun skelet uw wetenschappers treffen, die eruit afleiden dat de mens in het begin der tijden veel langer en sterker was dan hij nu is, en uit de structuur van hun schedel afleiden dat de mens afstampt van de aap. De gebruikelijke fouten van de mensen tegenover de mysteries van de schepping. Heb je het nog niet begrepen? Ik leg het je beter uit. Als de ongehoorzaamheid (van Adam) in staat was geweest om bij de onschuldigen het Kwaad in te prenten met al zijn verschillende uitingen…, welke diepere decadentie en welke diepere heerschappij van Satan zal deze tweede zonde dan wel niet hebben veroorzaakt? ‘Tweede’ ten opzichte van die van Adam: namelijk die van de gemeenschap van de Kinderen van God met de dochters van de mensen. … Als de eerste zonde van Adam de mens zozeer heeft doen vervallen, wat zal dan de tweede zonde, waaraan de vervloeking van God verbonden was, aan decadentie hebben voortgebracht? Want, als Adam van tevoren niet wist wat de uitkomst van zijn zonde zou zijn, waren de Kinderen van God er wél van op de hoogte toen zij de dochters van de mensen, oftewel de hybriden, tot bijvrouwen namen! Welke brandstoffen van zonde in het hart van de mens-dier omdat hij van God beroofd was…? De afdaling van een tak (de illegitieme), van die welke vergiftigd was door het bezit van Satan, kende geen ophouden en had duizend gezichten (duizend varianten, zowel fysiek als moraal, volgens de wetten van Mendel). Waar God niet is, daar is Satan. Waar de mens geen levende ziel meer heeft (een dode ziel omdat zij niet meer levend wordt gemaakt door de Geest van God) is er de mens-brute. De brute houdt van bruten. Mooi en verleidelijk lijkt hem datgene wat afschuwelijk is. Het geoorloofde bevredigt hem niet. … En, dwaas van wellust, zoekt hij het ongeoorloofde, het degraderende, het beestachtige. Degenen die geen Kinderen van God meer waren (dat wil zeggen de kinderen van de mensen), gingen over tot dit ongeoorloofde, degraderende, beestachtige. En zij kregen ‘monsters’ als zonen en dochters: die ‘monsters’ die nu uw wetenschappers treffen en hen in dwaling brengen. Die ‘monsters’…, vruchten van de gemeenschap tussen Kaïn en de bruten, tussen de aartslelijke kinderen van Kaïn en de wilde dieren (de premenselijke soort van de voorouders), verleidden de Kinderen van God, oftewel de afstammelingen van Set. Het was toen dat God, om te voorkomen dat de tak van de Kinderen van God zich geheel zou corrumperen met de tak van de kinderen van de mensen, de algemene Zondvloed zond om, onder het gewicht van de wateren, de wellust van de mensen te doven en de ‘monsters’ te vernietigen die gegenereerd waren door de wellust zonder God… En de mens, de huidige mens, ijlt over de somatische lijnen en over de jukbeenhoeken, en omdat hij geen Schepper wil erkennen — omdat hij te trots is om te kunnen erkennen dat hij gemaakt is — neemt hij de afstamming van de bruten aan! (zinspeelt op de evolutietheorie). Om tegen zichzelf te kunnen zeggen: “Wij hebben ons, op eigen kracht, geëvolueerd van dieren tot mensen.” (En wie weet, redden we ons ook op eigen kracht…!). Hij degradeert zichzelf, degradeert zichzelf vrijwillig, om zich niet te willen vernederen voor God. En hij daalt af. Oh! Wat daalt hij af! In de tijden van de eerste corruptie had hij het uiterlijk van een dier…” Jezus spreekt, zoals in andere passages, duidelijk over de geboorte van ‘monsters’.
Waarom Jezus aan Valtorta niet de gehele dynamiek van de Erfzonde uitlegt
“Uitgebreider zou Ik het onderwerp hebben behandeld om de schuldige theorieën van te veel pseudo-geleerden te bestrijden.” Jezus verwijst nog steeds naar de evolutionisten en noemt hen ‘pseudo-geleerden’. Kennelijk breidt de Heer Zijn uitleg over de dynamiek van de feiten die de Erfzonde hebben gevormd niet verder uit omdat Hij al had besloten om het onderwerp van de oorsprong uitgebreid te behandelen met don Guido, gelet op de omvang van het thema en het ontbreken van kennis over het DNA in 1946. Bij Valtorta beperkt Hij Zich er dus toe de gevolgen ervan te beschrijven. “Ik zou grote mysteries hebben onthuld. Opdat de mens het zou weten, nu de tijden rijp zijn.” ‘Rijp’ omdat we ons ten tijde van het dictaat in 1946 bevinden, aan de vooravond, zo gezegd, van de ontdekking van het DNA. “Het is niet langer de tijd om de menigte gerust te stellen met sprookjes.” De sprookjes, zo kunnen we vermoeden, zijn het verhaal van de boom en de appel, van de slang… zoals het door de meesten wordt opgevat, maar het kunnen ook de theorieën van het evolutionisme en het theo-evolutionisme zijn. “Onder de metafoor van de oude verhalen (zinspeelt op de metaforen van de mozaïsche Genesis) bevinden zich ‘de sleutel-waarheden’ voor alle mysteries van het heelal…. Opdat de mens uit het kennen van de waarheid de kracht zou putten om de afgrond weer te ontstijgen.” Ziedaar het uiteindelijke doel van de kennis! We zien dus dat de Heer Zelf de scientificiteit bevestigt van Genesis, die ‘de sleutel-waarheden’ van alle mysteries van het heelal bevat! Kennelijk is een van de verschillende redenen waarom de Heer geen andere concepten aan Valtorta openbaart en er de voorkeur aan geeft deze uitgebreid te behandelen met don Guido, dat die 15 jaar moesten verstrijken voordat men begon met het leren kennen van het DNA, dat heel belangrijk is, ik zou zeggen essentieel, om te bestuderen wat de effecten van de hybridisatie zijn geweest.
Concluderend
Daarom heb ik aangedrongen op het ‘mysterie van het lijden’ en het ‘mysterie van het kwaad’: omdat we er allen door geraakt worden, de een meer, de ander minder. Jezus is precies daarvoor gekomen, om ook deze dingen weer op orde te brengen. Het is duidelijk dat, als we allen bekeerd waren, we vandaag de dag al in een Eden zouden zijn. Maar dit is niet gebeurd. En ook degenen die in de statistieken als katholieke christenen staan geregistreerd, begrijpen niet altijd wat het betekent om ‘de Communie te doen’, zij begrijpen niet wat het betekent om ‘gedoopt te worden’, wat het betekent om ‘te biechten’ of ‘de Olie der Zieken’ te ontvangen, die door velen nog steeds ‘Het Laatste Oliesel’ wordt genoemd. Vroeger wist men dat dit Sacrament ook een wonderdoende functie had en dat zieke mensen vaak baat hadden bij deze Zalving. Niemand zag tot nu toe zo’n nauw verband tussen de Erfzonde en de Sacramenten! De Verlossing is tussenbeide gekomen om de schade te herstellen die we zien en die we niet zien. Het probleem is dat dit ding niet zo wordt uitgelegd. Ik kan getuigen dat ik, sinds ik elke dag naar de Mis ga en elke dag bewust ter Communie ga, veel minder ziek word. Het gaat erom dat we ons hiervan bewust worden. Waarin bestaat dus het ‘Goede Nieuws’? De mogelijkheid van een totale genezing, van de terugkeer van de menselijke natuur zoals zij in het begin was en de mogelijkheid tot toegang tot het Koninkrijk der Hemelen. De eerste twee zullen in de nabije toekomst volledig worden verwezenlijkt, wanneer er Nieuwe Hemelen en een Nieuwe Aarde zullen verschijnen; de derde is al verwezenlijkt voor degenen die Jezus vanaf Zijn Verrijzenis hebben aanvaard. Het begrijpen van de boodschap van deze openbaring betekent het in handen hebben van het gehele panorama van de mensheid, vanaf haar schepping en val tot aan haar herschepping.
Bron
Vertaling uit het Italiaanse pdf-document; dr. Francesco Saverio Martelli, wanneer geloof en rede hetzelfde verhaal kunnen vertellen (in de taal van de chromosomen):
